Voion | Arbeidsmarkt & opleidingsfonds voortgezet onderwijs

Er wordt gezocht op *

Veilig, gezond & vitaal werken

Wettelijk kader sociale veiligheid

Wettelijk kader sociale veiligheid

Het lijkt steeds vaker voor te komen: leerlingen die stelselmatig door klasgenoten (digitaal) worden gepest, docenten die zich bedreigd voelen door ouders en/of leerlingen of die slachtoffer zijn van pestgedrag van collega’s. De impact van sociale veiligheidsincidenten op werknemers en leerlingen kan erg groot kan zijn. Denk aan de emotionele belasting die bij werknemers kan leiden tot stress, verzuim en zelfs arbeidsongeschiktheid. Voor leerlingen kunnen de gevolgen variëren van verminderde leerprestaties tot zeer dramatische gebeurtenissen. Vanwege die mogelijke impact zijn scholen vanuit verschillende wet- en regelgeving verplicht om hun beleid en (preventieve) maatregelen op het gebied van sociale veiligheid nader uit te werken. 

Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet)
In de Arbowet - die zich in principe alleen op werknemers richt en niet op leerlingen - valt sociale veiligheid onder ‘psychosociale arbeidsbelasting’ (artikel 3, lid 2). Psychosociale arbeidsbelasting (PSA) is voor de wetgever een verzamelnaam voor:
  • agressie en geweld;
  • seksuele intimidatie;
  • pesten;
  • discriminatie;
  • werkdruk in de arbeidssituatie die stress teweeg brengt.
De eerste vier genoemde arbeidsrisico’s worden ook wel ‘ongewenste omgangsvormen’ genoemd en vallen binnen school doorgaans onder het sociaal veiligheidsbeleid. De Arbowet schrijft de werkgever een (cyclische) aanpak voor om PSA systematisch te meten én te verbeteren. 

Wet op het voortgezet onderwijs
De Wet Veiligheid op school, ook wel bekend als de ‘anti-pestwet’, leidde ertoe dat scholen sinds 1 augustus 2015 verplicht zijn zich actief in te zetten voor een veilig klimaat voor leerlingen op scholen. Daartoe is de Wet op het Voortgezet Onderwijs (WVO) uitgebreid met een zorgplicht voor veiligheid op school (art. 3b) en een plicht die zorg te evalueren (art. 123b) In de brochure 'Zorgplicht sociale veiligheid leerlingen op school' heeft het ministerie van OCW beknopt omschreven wat de zorgplicht betekent voor de scholen. De Stichting School en Veiligheid heeft instrumenten ontwikkeld om invulling te geven aan deze zorgplicht voor leerlingen.

De wet bestrijding van seksueel geweld en seksuele intimidatie in het onderwijs voegde artikel 3 toe aan de WVO. Het betreft de meldplicht bij vermoedens van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag tussen een medewerker en een minderjarige leerling bij de vertrouwensinspecteur, gevolgd door een aangifteplicht bij een redelijk vermoeden (art 3).
De kwaliteitswet voegde een klachtenregeling toe aan de WVO. De klachtenregeling verplicht scholen klachten over ongewenst gedrag en/of het uitblijven van maatregelen op het gebied van sociale veiligheid, in behandeling te nemen (art. 24b).

CAO VO
In de CAO VO (art. 19.7) zijn afspraken opgenomen over de integrale benadering van sociale en fysieke veiligheid. Lid 1: “De werkgever stelt in overleg met de P(G)MR het beleid vast dat gericht is op het realiseren van een gezonde en veilige leer- en werkomgeving binnen de instelling, bedoeld voor alle geledingen. De werkgever evalueert jaarlijks het gevoerde beleid.”
De CAO VO verwijst in art. 22 naar de Arbocatalogus-VO; daarin hebben de sociale partners de eisen die gesteld worden aan sociaal veiligheidsbeleid uitgewerkt. De Inspectie SZW gebruikt de Arbocatalogus-VO als referentie bij haar inspecties in het vo.

Omdat scholen sociale veiligheid integraal benaderen (fysieke- en sociale veiligheid, leerling en medewerker) zal de problematiek hier verder thematisch worden benaderd. Daarbij zullen we de begrippen nader uitwerken en instrumentenonderzoeken en praktijkverhalen aanreiken.

Heeft u nog vragen of opmerkingen over sociale veiligheid? Laat het dan weten.